| |
 | Orde | : | Roofvogels (Falconiformes) |  | Familie | : | Sperwers (Accipitridae) |  | Lengte | : | 49 tot 59 cm |  | Geluid | : | |  | Biotoop | : | |  | Periode | : | |  | Aantal broedparen | : | Geen | |
|
Kenmerken | Het verenkleed is donkerbruin met een lichtere tekening |  |
De poten zijn geheel bevederd |  |
Op de buik bevindt zich doorgaans een donkere vlek |  |
De staart is licht met een zwarte eindband |  |
De achterrand van de vleugels zijn donker |
| | |  |
Omschrijving
De ruigpootbuizerd lijkt sterk op de ongeveer even grote buizerd, maar heeft geheel bevederde poten. Het verenkleed van de ruigpootbuizerd is variabel van kleur, maar niet zo sterk als bij de buizerd. In de vlucht is de ruigpootbuizerd te herkennen aan de donkere achterrand van de vleugels en de donkere eindband. In vergelijking met de buizerd heeft de vogel langere vleugels en een langere staart.
De ruigpootbuizerd broedt in het noorden van Europa, maar trekt in de winter naar West- en Midden-Europa. Op heldere dagen in het voor- of najaar vliegt de vogel vaak op grote hoogte over Nederland. Wanneer de vogel gaat broeden hangt af van het voedselaanbod, in slechte jaren broedt de ruigpootbuizerd helemaal niet.
|