Grote mantelmeeuw

Larus marinus

Orde:Pleviervogels (Charadriiformes)
Familie:Meeuwen (Laridae)
Lengte:61 tot 74 cm
Geluid:
  © ETI BioInformatics, SoortenBank.nl
Biotoop:
Zee en kust
Meren
Toelichting
Periode:
Het gehele jaar
Wintergast
Doortrekker
Toelichting
Aantal broedparen:Enkele tientallen
Toename of afname:Sterke toename
Bijzonderheden:De grote mantelmeeuw staat op de rode lijst.

Kenmerken

Het verenkleed is voornamelijk wit van kleur
De rug en de bovenvleugels zijn donkergrijs van kleur
De snavel is geel met een rode vlek bij de punt
De poten zijn roze van kleur

Omschrijving

Het verenkleed van de grote mantelmeeuw is wit met een donkergrijze, bijna zwarte bovenzijde. het verenkleed van jonge vogels is echter vaalwit met kleine bruine vlekken en strepen. Het verenkleed gaat langzaam over in het volwassen verenkleed, maar het duurt zeker vier jaar voordat er geen vlekken meer zichtbaar zijn. De volwassen vogels lijken op volwassen exemplaren van de kleine mantelmeeuw, maar hebben een grotere en lange kop en roze in plaats van gele poten.

Het Europese broedgebied van de grote mantelmeeuw ligt grotendeels langs de kusten van Scandinavië, Groot Brittannië en IJsland, waar het nest tussen de stenen gebouwd wordt op plaatsen met enige begroeiing. In tegenstelling tot de kleine mantelmeeuw broedt de grote mantelmeeuw niet in Nederland, maar toch zijn ook in de zomer veel grote mantelmeeuwen in Nederland aanwezig. Deze groep vogels bestaat vooral uit jonge vogels, die zelf nog niet broeden en vaak tot ver in het binnenland aan te treffen zijn. In de winter is de Nederlandse populatie groter doordat veel vogels uit het Noorden van Europa in Nederland overwinteren.

Zie ook: Kleine mantelmeeuw, Zilvermeeuw, Kokmeeuw, Stormmeeuw en Zwartkopmeeuw